Toespraak Familiedag Christen Contact Agrariërs

Toespraak uitgesproken tijdens de bijeenkomst van Familiedag Christen Contact Agrariërs op vrijdag 9 november 2018 in Putten

Vroeg uit de veren en al druk in de weer in je stal om de koeien te verzorgen.
Ineens staan ze voor je neus. “Môge, NVWA. Controle.”
Je schrift… Wat nu weer? 

Boeren voelen zich opgejaagd. In hun bestaan bedreigd door de wispelturige politiek, de onnavolgbare inspectiediensten, de kritische burgers, de hijgerige media en vijandige actiegroepen. Niet te missen koppen in de media berichten over “Grootschalige Kalverfraude”, “Gesjoemel met mest” en “Fipronil in Eieren”. Zembla en Nieuwsuur steken elkaar de loef af met het zoveelste item over misstanden in de agrarische sector.

Beelden over dierenleed, …ja daar zijn we nòg gevoeliger voor dan de romantische avonturen van ‘Boer zoekt vrouw’. En… “laten we eerlijk zijn”, zo redeneert de kijker, “als er 2.100 veehouderijen op last van de minister op slot gaan, dan zal er toch echt wel wat aan de hand zijn, nietwaar?”

En de boer en boerin?
“De stress schiet door je lijf”, vertelt boer Henno Hak uit Abcoude in de Volkskrant. “Je weet dat je geen fraudeur bent, maar… is je administratie altijd perfect op orde?”

“We gaan er aan onder door burgemeester. We slapen niet meer en weten niet hoe we deze crisis te boven kunnen komen. Die onzekerheid… die knaagt aan je; je wordt er bijna gek van. Zo hoorde ik aan de keukentafels van onze pluimveehouders tijdens de fipronilcrisis.

Veel boeren en boerinnen voelen zich miskend. Uitgebuit door machtige marktpartijen in de voedselketen. Gewantrouwd en in een systeem geduwd van overregulering en inspectie door stadse controleurs zonder enige praktijkkennis. Weggezet als fraudeurs, milieuovertreders en ondernemers die het met dierenwelzijn en voedselveiligheid niet zo nauw nemen. Dat stigma, …dat beeld... Het maakt hen boos en verdrietig… neerslachtig, moedeloos.

“Je voelt je in het nauw gedreven. Het jaagt de zenuwen door je lijf en wakkert de groeiende twijfel in je aan. Waarom wil ik dit nog? …Waarvoor doe ik dit eigenlijk? Heeft het nog wel zin…? Zulke lange dagen, zoveel kopzorgen en zo weinig opbrengsten.”

Trouw toonde ons deze zomer met het onderzoek “De staat van de boer” (onder 2.300 agrariërs) de kille en kale cijfers:

  • 92% van onze boeren vindt dat de politiek hen in de kou laat staan;
  • 90% vindt dat de milieuorganisaties hen beschuldigen met onjuiste aantijgingen en de media de boeren de zwartepiet toespelen;
  • meer dan de helft heeft zich de afgelopen jaren weleens neerslachtig gevoeld.

Voeg daaraan dan nog toe dat, volgens onderzoek van de WUR, 44% van de boeren onder de armoede grens leeft…

En in de periode 1980-2018 het aantal land- en tuinbouwbedrijven daalde van 144.994 naar 53.800; dat wil zeggen dat er elke dag 6 tot 7 bedrijven stopten.

Is het dan vreemd dat 85% van de boeren ervaart dat de agrarische sector in een crisis verkeert?

Een crisis. Ja, een crisis dat is wat ons in de greep heeft gekregen.
Goed begrepen draait het bij elke crisis om een echte noodsituatie waarbij het functioneren van een stelsel ernstig verstoord is geraakt. Een “crisis” mag je zien als “een moment van de waarheid”. Er moeten beslissingen worden genomen die van grote invloed zullen zijn op de toekomst van ons agrarisch stelsel. Niet alléén op de primaire sector maar op de gehele voedselketen. Dat zijn niet zomaar wat veranderingen die van je gevraagd worden. Nee, dit keer gaat het om een volledige herbezinning op de vraag of we wel de goede dingen doen en of we wel goed bezig zijn. Het is geen tijdperk van verandering, maar een verandering van tijdperk, zo noemt de duurzaamheidprofessor Jan Rotmans dat.

Hoe sterk onze agrarische sector wereldwijd ook mag zijn, is deze wel toekomstbestendig? Kan het ecosysteem in ons kleine land wel zo’n intensieve productie aan?

Kunnen we wel op de oude voet door?

Moeten we het niet geheel anders gaan aanpakken?

Een verandering van tijdperk dus.

“Never waste a good crisis”, een uitspraak van Winston Churchill. Laat ons dus ook deze crisis niet verspillen. Er is behoefte aan een samenhangend langetermijnbeleid voor onze landbouwsector. We zullen ons daarbij fundamenteel moeten herbezinnen; de agrarische sector zal zichzelf opnieuw moeten heruitvinden, ‘resetten’. We zullen oude vanzelfsprekendheden dienen te heroverwegen, ze gaan loslaten.

Eén van die vanzelfsprekendheden betreft de strategie van specialisatie, schaalvergroting en kostenreductie. Daarin zijn we sinds Mansholt vastgegroeid met een spijkerhard concurrentiemodel om te produceren voor “de wereldmarkt”. ‘Groter en goedkoper’. Het is een soort mantra geworden waarin boeren gevangen gehouden worden door de banken, de leveranciers en de afnemers. Bovendien dompelen onderwijs- en kennisinstellingen in de groene sector onze studenten onder in deze ketel met ‘toverdrank’ die meer en meer uitgewerkt lijkt. Steeds harder werken, meer risico’s lopen en steeds minder overhouden. Wie wil dat nog?

Fundamenteel herbezinnen, heruitvinden van een duurzaam en toekomstbestendig landbouwmodel. Gebaseerd op onderliggende waarden van ons rentmeesterschap over Moeder Aarde. Mogen we wel doorgaan met de uitputting van de aarde? Of, zoals Jaap Smit de Commissaris van de Koning in Zuid-Holland maar ook theoloog en predikant het onlangs noemde: “we moeten stoppen met het pinnen op de rekening van onze kinderen”.

In zijn encycliek ‘Laudatio Si’ uit 2015 wees Paus Fransiscus op de zonde dat we de aarde uitputten. Moeder Aarde die de last van ons producenten en consumenten niet langer kan (ver)dragen. Hij riep op tot een ecologische bekering. Vanuit de zorg om ons “gemeenschappelijke huis”, onze aarde,  zullen we een betere balans moeten vinden tussen economie en ecologie.

Be-Keren betekent dus ook Om-Keren op de weg die we ingeslagen zijn. Om-Keren en verantwoordelijkheid nemen om het anders te gaan doen. En om-keren betekent meestal dat u tegen de stroom in terug moet naar de bron.

Kan de Bijbel, kan ons christelijk geloof ons helpen bij het hervinden van een nieuw landbouwmodel?

Niet met een pasklaar antwoord, maar wellicht wel met een aantal centrale waarden die ons denken en handelen daarover richting kunnen geven. Laat ik eens enkele van die centrale (christelijke) waarden noemen die bij de noodzakelijke transitie in de landbouw een moreel appel op ons doen:

  • Rentmeesterschap: hoe gaan we om met Gods schepping? Handelen wij vanuit de erkenning dat de aarde Gods schepping is en Zijn eigendom en wij die in ‘bruikleen’ hebben? Dat we haar mogen bewerken maar vooral moeten bewaren (Gen. 2:15)? Waren bijvoorbeeld de ‘sabbatsjaren’ niet ingevoerd om de uitputting van de aarde te voorkomen? Voor Calvijn betekende dit dat we ons land beter moeten achterlaten dan we het verkregen hebben. En voor ons, welke betekenis geven wij er aan?
  • Respectvol omgaan met de bodem, zorgzaam voor de dieren en de flora en fauna in het veld en ook met eerbied voor de mensen die de vruchten van je arbeid mogen smaken.
  • Bescheiden en ingetogen: haal je het maximale uit de grond en je dieren, streef je naar maximale productie en opbrengsten ongeacht de onbedoelde negatieve effecten? Of schakel je wat terug en geef je bijvoorbeeld ruimte aan de soortenrijkdom (biodiversiteit) omdat je je onderdeel weet van die natuur.
  • Zorgvuldig en bedachtzaam: ondernemen is ook risico’s nemen, je nek uitsteken, experimenteren en daar is niets mis mee. Sterker we hebben het nodig, maar ben je je voldoende bewust van de risico’s? Volg je dan het ‘voorzorgsprincipe’ en probeer je die risico’s te controleren of de effecten te neutraliseren? Weet je wat je op het spel zet en kun je dat voldoende beheersen? Voel je je verantwoordelijk en kun je er verantwoording –of moet ik zeggen rekenschap- over afleggen?
  • Eerlijk en open: hoe nauw nemen we het met de voorschriften en voedselveiligheid? Sjoemelen we weleens een beetje met de bedrijfsvoering, de productieprocessen, de producten en in het vermarkten? Knijpen we een oogje dicht en maken we er mooie verhalen van? Of staan we voor onze zaak, integer en transparant?
  • Doe goed: zoals Abel “de eerste der eerstelingen offerde”, de akkerranden bleven staan voor de armen en de op de akker achtergebleven aren door de behoeftigen  ‘gelezen’ (verzameld) mochten worden.
  • Liefdevol en betrokken: boeren is niet zomaar een beroep, het is een passie. Raak die niet kwijt. Doe de dingen die je doet met liefde want “De vrucht van de Geest is: liefde, blijdschap, vrede, geduld, vriendelijkheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid en zelfbeheersing” (Galaten 5: 22-23).

Wel, we hebben nu een aantal centrale waarden proberen te benoemen die ons kunnen helpen bij de noodzakelijke transitie van ons voedselsysteem. Maar, wat zullen dan de hoofdlijnen zijn van zo’n nieuw perspectief op het functioneren van onze agrarische sector? Als ik het goed beluister gaat het dan om aspecten als:

  • (nog) meer grondgebonden en natuurinclusieve landbouw;
  • Actief zoeken en innoveren om een transitie te bewerkstelligen naar het inzetten van nieuwe eiwitten;
  • (nog) meer circulair en duurzaam opereren volgens een kringloop-methodiek met minder verspilling in de hele voedselketen, reductie en hergebruik van afvalstromen, minder uitputting van de bodem en gezondere bodems waardoor er meer essentiële bouwstoffen in het voedsel komen;
  • (nog) meer produceren in kortere ketens dichterbij de consument met een substantiële reductie van de huidige verkwisting (één-derde gooien we ergens in de keten weg);
  • (nog) meer oog voor natuur- , milieu- en klimaatdoelstellingen in de bedrijfsvoering;
  • (nog) meer respect voor dierenwelzijn door de gehele waardeketen.

Dames en heren,
Waardering, vooral veel meer waardering is daarbij gewenst voor het o zo nuttige werk van onze boeren en boerinnen om in onze voedselvoorziening te voorzien. Let wel, dan doel ik zowel op de financiële als morele waardering!

Zal deze noodzakelijke ommekeer zoals ik die hierboven schetste zich ‘als vanzelf’ ontwikkelen via het huidige marktgedomineerde systeem? Vast niet! Ongetwijfeld verdient het principe van marktordening daarbij een stevige correctie vanuit de overheid omdat:

  • de werking van het prijsmechanisme in de landbouwsector is aangetast door marktpartijen in de keten die de prijzen dicteren door marktmacht;
  • de Europese markt helaas geen gelijk speelveld kent, waardoor import van producten mogelijk is van veehouderijen die door minder strakke regelgeving een lagere kostprijs hebben;
  • er verborgen milieukosten zijn die niet worden toegerekend aan de groene producten en
  • vanwege de maatschappelijke doelen die we de boer vragen te realiseren maar waarvan de rekening niet alléén bij die boer terecht behoort te komen omdat de vruchten daarvan vooral buiten het boerenerf worden geplukt. 

En, kan dat, zo’n nieuwe vorm van boeren?

Ja, natuurlijk zegt melkveehouder Henk Jolink in Trouw: “Dit is leuker boeren dan vijftien jaar geleden. Het vakmanschap komt bovendrijven. Als boeren moeten we werken aan maatschappelijke doelen… Dat gaat niet meer stoppen”.

En willen boeren dat?

Ja, natuurlijk zegt ongeveer de helft van de agrariërs volgens het Trouw-onderzoek “De staat van de boer” met de stelling “In de komende tien jaar ga ik overschakelen naar een duurzame vorm van landbouw”.

En wil de samenleving en de politiek dat ook?

Als ik de Toekomstvisie van minister Schouten lees en naar de reacties daarop luister lijkt het me dat deze visie de fundamenten legt voor een brede maatschappelijke coalitie.

Laten we voorbij de crisis proberen te kijken en deze aangrijpen voor een echte heroverweging van ons functioneren. De vraag of er een echte transitie komt, zal daarbij overigens niet bepaald worden door beleidsvisies, wetten en regels of de wortel die u wordt voorgehouden in de vorm van subsidies of belastingvoordelen. De echte sleutel voor verandering is in handen van de boeren zelf. Want net zoals de aardappel in het land moet ontkiemen om zich te vermenigvuldigen, zo moet de verandering uit de innerlijke overtuiging van de boer komen, van u dus. De motivatie om je ‘van binnenuit’ te willen inzetten voor een andere manier van boeren. Toen ik Ruud Zanders, de bedenker van het ‘Kipsterconcept’ vroeg naar het waarom van zijn nieuwe pluimveeconcept was dàt wat me trof: “We moeten het echt anders doen. Vanuit het welzijn van het dier, vanuit een gesloten kringloop en met meer respect voor de waarden die de maatschappij en consument van ons vraagt”.  Wie zich in onze veranderende wereld het beste aanpast aan deze nieuwe kijk op landbouw, kan de winnaar van morgen zijn.

Beste boeren en boerinnen. Van de schrijver Paulo Coelho (auteur van boeken als ‘De Alchemist’ en ‘De Pelgrimstocht naar Santiago’) herinner ik mij de volgende uitspraak: “Not all storms come to disrupt your life, some come to clear your path”. (Niet alle stormen zetten je leven op de kop, sommige komen om je pad te zuiveren)  

Laat je daarom niet in een slachtofferrol duwen om in zelfmedelijden ten onder te gaan. Blijf je passie volgen en wees de regisseur over je eigen toekomst. U bent in staat die toekomst samen vorm te geven, stap voor stap. Met een open oog en oor voor de omgeving en met een open deur naar de samenleving. In zelfbewustzijn, positief denken, vol vertrouwen en vastberaden. Niet afwachtend, maar actief, met het roer stevig in eigen handen en het vizier gericht op de toekomst waaraan we willen bouwen. Dat is regisseren. Geïnspireerd door de Bijbelse opdracht die we hebben ontvangen om de aarde te bewerken èn te bewaren.

Dames en heren,
Op een congres als dit zou ik nu best met een Bijbeltekst, een Psalm of Gezang kunnen afsluiten. Laat ik dat ook doen, maar dan met een lied dat nog niet in het Liedboek voor de Kerken is opgenomen maar wel de bedoeling heeft u “op te wekken”. Het is van de Zeeuwse band Bløf en draagt de titel De Storm. Wat kan het soms “stormen in je leven” en wat voel je je dan machteloos. En toch… Geef niet op!

Ik citeer u enkele delen uit de tekst en laat u dan inspireren door de muziek.

Overal waar je kijkt,

Komt er geen eind aan het donker,

Overal waar je loopt,

Zakken je voeten steeds dieper en dieper weg

…..

Geef,

Geef de moed niet op

 

Al stijgt het water snel en onverwacht

…..

Al lijkt de nacht zo lang

Geef

Geef de moed niet op

Geef niet op

Geef nooit op!

 

Ik dank u wel.

Dr. J.W.A. van Dijk

Naar overzicht